Leuke avond beleefd, samen met Yella Arnouts, Bert Bevers, Norbert De Beule en Frank Pollet, gisteren donderdag 31 januari in Moerbeke-Waas. We waren er uitgenodigd naar aanleiding van Gedichtendag, met ons programma GeelZucht. Een beetje zonderling natuurlijk om in putje winter met zomerse Tourgedichten uit te pakken, maar het blijft hoe dan ook een bijzonder concept. De voortdurende afwisseling van auteurs, de projectie van gedichten en foto’s, de anekdotes tussendoor, het bleek ook nu weer te werken. Vijf kwartier lang bleef het talrijk opgekomen publiek geboeid luisteren en de reacties achteraf deden ons plezier. Genieten deden we ook van de locatie. Het stationsgebouwtje op de afgedankte spoorlijn vanuit Lokeren werd na jarenlange leegstand en verval fraai gerestaureerd. De lokettenzaal is nu een tentoonstellingsruimte, de wachtzaal de bibliotheek.
Cups van Hanka in de aandacht
Veel aandacht is er voor mijn recente verhalenbundel, de Cups van Hanka Kupfernagel, en dat kan ik alleen maar toejuichen, natuurlijk. Na artikels en recensies in o.a. Gazet van Antwerpen, Het Laatste Nieuws, Krant van West-Vlaanderen, Het Nieuwsblad op Zondag en het magazine Wielerland signaleren surfers mij ook aardig wat ‘vindplaatsen’ op het wereldwijde web, en dat – opmerkelijk toch – vooral op Nederlandse sites, zoals wielertaal.nl, peterschildhuizen.nl, houseofcycling.nl. Aardig is ook wat Bert Bevers schrijft op deboekhouding.blogspot.be.
Kunst op reis
Vandaag kreeg ik het gezelschap van twee kwetsbare wezentjes. Ze prijken op een schilderij met de intrigerende titel ‘Geliekoloe’. Voortdurend hou ik ze in de gaten, om te zien of ze er nog wel zijn. Want zo licht en fragiel lijken ze, dat het is alsof ze elk moment kunnen opstijgen. Het is een schilderij van Maarten Wydooghe, dat ik kreeg, zomaar, in bruikleen. Zo’n maand mag ik het in huis houden en kan ik er eventueel iets over schrijven. Dan moet ‘Geliekoloe’ naar een ander. Lees verder
Wielergedichten in Maastricht
In Maastricht werden de winkeliers van het Mosae Forum Plein gevraagd om gedurende het WK wielrennen in Nederlands-Limburg het centrum ‘wielerminded’ te presenteren. Dat resulteerde in twee zogeheten pop up boxen of glazen containers die rond dit thema zijn ingericht. Eén ervan is gevuld met ballonnen in de kleuren van de regenboogtrui en voorbijgangers kunnen een prijs winnen als ze raden hoeveel er precies te zien zijn. De ballonnen worden losgelaten bij de start van de wegrit voor de mannen op 23 september. In de tweede box worden foto’s van Patrick Verhoest en een tiental van mijn gedichten tentoon gesteld – een selectie van de expositie die eerder dit jaar in Torhout liep. Patrick is er begin september al geweest en noemt het een toplocatie. Zelf wil ik de manier waarop mijn schrijfsels op de passant worden losgelaten ook wel eens bekijken en dus spoor ik vandaag naar Maastricht. Het Mosae Forum blijkt een nieuw en druk winkelcentrum te zijn tussen de Markt en de boorden van de Maas. Best aangenaam om op dit moment op die manier op die plek langs mijn dromerijen te komen.
Fietsen langs de kust
Een bericht van ‘Alles Goed’, het praatprogramma van Focus-WTV: “Wie wil fietsen deze zomer, wordt het almaar gemakkelijker gemaakt. Sinds een aantal jaar zijn de knooppuntroutes aan een steile opmars bezig. Op de website www.knooppunter.com vind je heel veel van die routes terug. Voor onze provincie werken de makers van Knooppunter samen met een West-Vlaming, Patrick Cornillie, geen onbekende in het wielermilieu. Hij is afkomstig uit Lichtervelde, gek van fietsen en stippelde de meeste West-Vlaamse routes uit. Patrick komt langs om onder meer te vertellen over de mooiste fietsroutes van onze provincie. Hou trouwens ook onze site www.focus-wtv.be in de gaten, want ook Focus & WTV gaan dit jaar nog samenwerken met knooppunter.com.”
Tom Boonen leest mijn gedichten
Net een mailtje gekregen van compagnon Patrick Verhoest, met wie ik de tentoonstelling ?Koers! mocht samenstellen – hij de wielerfoto’s, ik de wielergedichten. Wie n.a.v. ‘Torhout, Dorp van de Ronde’ in het cc de Brouckere
?Koers! bezocht, kreeg er van de stad Torhout een gratis boekje aangeboden, met een selectie van de foto’s en de gedichten.
Patrick schrijft: “Net terug van de persconferentie van Tom Boonen . Ik gaf ‘m ons boekje. Echt ..hij kon niet wachten om erin te bladeren. Zelfs toen hij terug naar het hotel stapte, liep hij er voortdurend in te lezen. Zowaar een mooie tafereel. Allez vooruit, den Boonen die je gedichten leest. Ook daarvoor doe je het dus. 
VWS-cahier
Al 46 jaar pakt de Vereniging van West-Vlaamse Schrijvers (VWS) uit met haar ‘bibliotheek van de West-Vlaamse letteren’. In een cahier van 48 bladzijden wordt telkens een auteur voorgesteld. Dat gebeurt aan de hand van een korte beschrijving van zijn leven en werk, een uitgebreide bibliografie, enkele foto’s en fragmenten uit zijn of haar werk. Het 266ste nummer in deze reeks is warempel aan mij besteed. De VWS-cahier werd geschreven en samengesteld door Paul Rigolle. Peter Aspeslagh verzorgde de bibliografie. Het boekje werd voorgesteld in de erfgoedsite Vancoillie in Lichtervelde. Op de foto poseer ik tussen Paul Rigolle en Jan Bonneure, secretaris van de VWS. Deze VWS-cahier, ‘Patrick Cornillie’, samengesteld door Paul Rigolle, kost 5 euro. Voor zij die er een willen, volstaat het een mailtje te sturen naar jan.bonneure@skynet.be.
Vrijdag 14 oktober 2011
In de Halve Maan in Brugge vond onder grote belangstelling de officiële voorstelling plaats van ‘De Cercle van mijn leven’, de biografie van Jules Verriest. Heel wat ex-collega-voetballers en trainers van Jules waren die avond present. De meest verrassende gast was ongetwijfeld Morten Olsen, die begin jaren ’70 zijn voetballoopbaan bij Cercle begon en vandaag bondscoach is van Denemarken, dat zich enkele dagen eerder kwalificeerde voor het EK 2012. Op de groepsfoto zie je v.l.n.r. moderator Jacques Sys, Han Grijzenhout, Carlos Desteur, Urbain Braems, Andrea en Jules Verriest met daar achter Dirk Beheydt en (half verscholen) Raoul Lambert, Michel D’Hooghe, initiatiefnemer voor het boek Luc Goutry, John Bogaert, auteur Patrick Cornillie, gouverneur Paul Breyne en Cercle-voorzitter Frans Schotte.
De voorstelling werd voorafgegaan door twee ‘avant premières’, nl. bij de supportersvereniging La Cerveza in Brugge, waar dan weer de huidige spelers Carlos Wilson Rudy, Nuno Reis en Renato Neto aanwezig waren, en bij Groen-Zwart in Lichtervelde, met Lukas Van Eenoo en Karel Van Roose als extra praatgasten.
In het ontluikende professionalisme van de jaren zeventig, gold Jules Verriest als de laatste arbeider-voetballer of ‘working class hero’ van de Belgische eerste klasse. De gevleugelde linksback kon in die tijd naar Sporting Anderlecht en Club Brugge, om voor veel geld profvoetballer te worden, maar legde alle lucratieve aanbiedingen zonder verpinken naast zich neer. Verriest bleef trouw aan de warme, familiale sfeer die Cercle Brugge, ‘zijn’ Cercle, zo kenmerkt. Hij werd het boegbeeld van de ploeg, het soort voetballer uit de oude doos die techniek en wilskracht koppelt aan een no-nonsense houding en als onvoorwaardelijke toeverlaat optreedt voor teamgenoten, supporters en bestuur – ver weg van pronkzucht en patserigheid, precies zoals het bij het bescheiden en authentiek gebleven Cercle past. Jules Verriest speelde tussen 1965 en 1981 liefst 456 competitie- en 36 bekerwedstrijden voor groen-zwart. Hij werd door de supporters verkozen tot ‘Speler van de Eeuw’ en ontving in 1981 de Trofee voor Sportverdienste van de stad Brugge.
‘Jules Verriest. De Cercle van mijn leven’ (Uitgeverij Roularta Books) telt 294 p. (geïll. met 150 foto’s) en kost 24,95 euro. Verkrijgbaar in de boekhandel en in de Cercle-shop.
Vrijdag 16 september 2011
Als vijftiger hoort een mens te doen wat hij al lang had moeten doen maar nog nooit eerder heeft gedaan. ‘A once in a lifetime experience’, zeg maar. Naar Ghisallo fietsen bijvoorbeeld, voor een groet aan de plaatselijke Madonna, patrona dei ciclisti. In mijn geval de meest logische pelgrimage. Zoals het hoort voor een heiligdom tref je het Italiaanse plaatsje op een ‘kalvarieberg’ – voor de renners in de Ronde van Lombardije jaarlijks weer een kruisweg in 14 staties en een dubbel aantal haarspeldbochten. Toegegeven, zelf beklom ik de Passo del Ghisallo van een makkelijkere kant. Ietsje langer, dat wel, maar minder scherp en vooral ook gelijkmatiger – enkel tijdens de slotkilometers stijgt het her en der tot 10%.
Mede door het warme weer bereik ik danig bezweet en lichtjes puffend de top, waar ik meteen datgene in het vizier krijg waarvoor ik uiteindelijk gekomen ben: het legendarische kapelletje, met ervoor de bustes van Gino Bartali en Fausto Coppi. Het was overigens in 1949, tijdens dé succesperiode van het Italiaanse wielrennen, dat paus Pius XII deze bidplaats inzegende en de lokale Madonna de beschermvrouwe van fietsers en wielrenners werd. Prompt schonken Coppi en Bartali er beiden de fiets waarop ze hun Giro wonnen.
Naar hun voorbeeld kwamen vele kampioenen met relikwieën naar Ghisallo. Je ziet er fietsen van Merckx en Moser, gele truien van Hinault en Indurain, de roze van Pantani, regenboogtruien van Binda, Bugno en Cipollini. Heroïek en dramatiek hangen en staan er zij aan zij, want ook de fiets waarop Casartelli om het leven kwam tijdens de Tour van 1995 kreeg er een prominente plaats. De kapel puilt uit van memorabilia, in zoverre zelfs dat ernaast inmiddels een museum is gebouwd. De collectie is uniek, de presentatie eigentijds. Uit alles blijkt een diep respect voor de kampioenen en de wielerhistoriek. Ghisallo is zondermeer het mooiste wielermuseum dat ik ooit bezocht.
Tussen kapel en museum prijkt bovendien de bronzen beeldengroep ‘Al Ciclisti’: een juichende renner, die de triomf in de wielersport verbeeldt, met naast hem een gevallen coureur, symbool voor de tragiek. Het geheel geeft, bovenop deze heuvel, een bijzonder ansichtgehalte. Voortdurend ook houden er (opvallend veel buitenlandse, opvallend veel vrouwelijke) fietsers halt, om uit te blazen van de toch wel venijnige klim, hun bidon te vullen bij de dorpspomp, het kapelletje binnen te stappen, te genieten van het uitzicht op het Comomeer en de Italiaanse uitlopers van de Alpen, wat de sfeer van wielerheroïek nog eens extra in de verf zet.
Het eerste wat mij te binnen schiet op deze bijna sacrale plek: waarom heeft een al even gek wielerland als België geen zo’n wielerwalhalla, bij een kapelletje bovenop een heuvel? Waarom is de pastoor van pakweg Geraardsbergen, in navolging van zijn confrater in Ghisallo, nooit op het idee gekomen om in de kapel op de Oudeberg de fietsen van Boonen, Vanderaerden, Merckx tot heiligenbeelden, de authentieke truien van Buysse, Leman, Museeuw tot relikwieën te verheffen? Waarom wordt De Muur, waar je bij mooi weer, gezeten op het terras van Het Hemelrijk, in een prachtig decor al evenzeer geniet van het aan- en afrijden van honderden wielertoeristen, niet als officieel wielerbedevaartsoord erkend? Want de koers, dat is nu eenmaal emotie en devotie – de renners gezalfd voor het hoogkoor, de rituelen bij start en aankomst, de volksverering bij zoveel calvarieleed, de supporters klaar voor hun novene langs kasseien en wielercafé…
Terug in het land snap ik dat respect voor onze historiek, onze helden en onze wielercultuur de Belg totaal vreemd is. Uitgerekend die dag immers wordt het nieuws bekendgemaakt dat de Muur van Geraardsbergen simpelweg uit het parcours van de Ronde van Vlaanderen wordt geschrapt. Dat ons enige, echte wielerheiligdom zondermeer wordt ontwijd (“…Opgeofferd op het altaar van de platte commercie?”, “…In handen gegeven van protsige vippotentaten?” – wie zal het zeggen?) Ik heb het wel vaker, dat de eerste aanblik van België na een buitenlandse reis mij somber stemt. Maar nooit eerder is de ontnuchtering zo groot als nu. Ik besef: van zo’n Vlaams Ghisallo zijn we verder af dan ooit.
Vrijdag 01 juli 2011
Sprokkelnieuws is ook nieuws, natuurlijk. Ten allen kante bijeengeharkt, meegemaakt of aan te kondigen – deze zomer te nemen of te laten, zoals de gebruiker van dit wereldwijde web het zelf beslist!
*** Volgens collega Herman Laitem “… tussen een mooi gezelschap van fijne pennen”, is van mij een verhaal verschenen in het jongste (Tour)nummer van het wielertijdschrift De Muur (nr. 33, Uitg. LJ Veen, paperback, 144 p. – 12,50 euro): ‘Een renner op een rotsblok in de regen’.
*** Beter laat dan zeer laat verscheen een recensie van mijn dichtbundel ‘Stapvoets verkeer’ in Poëziekrant (jg. 35, nr. 4, juni 2011). Frank Pollet schrijft: “In schijnbaar onschuldige tafereeltjes duiken vaak onverwachte elementen op die de ogenschijnlijk brave gedichten een andere kant op sturen.” Ja, ja, die Pollet ziet werkelijk àlles!
*** Op zijn verzoek leverde ik enige inspiratie en teksten voor het nieuwe cabaretprogramma van Karel Declercq: ‘Met de wind van achter!’ De koers komisch bekeken…, over flandriens, wielerterroristen en nadarsletjes. Te zien tijdens de Gentse Feesten op ma. 18, di. 19 en wo. 20 juli, in de feestzaal van het François Laurentinstituut, Onderstraat 10. Reservatie: Uitbureau, tel. 09-233 77 88.
*** Vanaf 2 juli te volgen via www.geelzucht.wordpress.com: de blog die de Tour verslaat in gedichten. Van de Passage du Gois, via de Mûr de Bretagne, Lourdes en de Col du Galibier tot de Champs Elysées, 23 dagen lang minstens één inktvers Tourgedicht. Nieuw dit jaar is dat zich in het zog van Norbert De Beule, Frank Pollet, Paul Rigolle en Patrick Cornillie nu een jongedame nestelt. Willie Verhegghe, de spurtbom van vorig jaar, geeft de pen – én de fietspomp – namelijk door aan Sylvie Marie. Als pedaleur de charme zorgt ze voor suspens en souplesse in de Tour, goed om de nieuwe Grace Verbeke van de Vlaamse wielerdichters te worden.
*** Het GeelZucht-gezelschap pedaleert trouwens niet enkel op het internet, maar is ook live present in Roeselare. Op zaterdag 9 juli vindt daar de eerste editie plaats van het literair festival ‘Roes’, en dit onder het thema ‘creatie op locatie’. Op diverse plaatsen in de stad en op welbepaalde tijdstippen laten dichters en andere kunstenaars zich uitdagen door de locatie. ‘Roes’ beleef je op zaterdag 9 juli tussen 14 en 18 uur. De toegang is (op alle locaties) gratis.
- Met Paul Rigolle, Frank Pollet, Norbert Debeule en Sylvie Marie – Geraardsbergen, voorstelling GeelZucht II, 2011































